Thema's
Gevat

De laatste trein naar Utrecht

Picture of Matthijs
Column door Matthijs van Maltha 4 Juni 2015

De laatste trein naar Utrecht. Een divers gezelschap van vermoeide feestgangers vult de coupe waar ik tot aan dat punt alleen had gezeten. Het is dat ze samen binnen komen en bij elkaar gaan zitten, anders had ik niet kunnen vermoeden dat de twee gothics, drie gabbers, twee meisjes waar niet zo veel aan op te merken valt en een schijnbare bedrijfskundestudent bij elkaar horen. Omdat ik verder de enige in de trein ben verspreidt het gezelschap zich over verschillende banken. Een van de meisjes klaagt dat ze in haar eentje zit, waarna een van de gabbers zich een bank naar achteren verplaatst om haar gezelschap te houden. Om vanuit zijn nieuwe positie toch een gesprek gaande te houden probeert hij zijn groepsgenoten aan een anekdote te herinneren. “Een tram, die van stad tot stad ondergronds gaat. Volgens Martin!” In koor antwoordt de groep: “Een intercity!” In koor lachen ze. Iemand vraagt aan Martin, de schijnbare bedrijfskundestudent, waar hij zich op baseerde. “Ik was in de stress.” antwoordt hij, op een manier die zowel beschaamd als geroutineerd klinkt.

Om over een nieuw onderwerp te beginnen, en tegelijkertijd te voorkomen dat het gesprek nog langer door blijft gaan over het oude onderwerp vertelt Martin de groep dat hij nog wel een keer met ze naar een festival wil. “Naar DGTL!” Maar dat is zo bekakt, brengt iemand ertegenin. “Alsof jij zelf geen internet hebt.” pareert Martin de aanval. De logica van dat argument ontgaat me, maar het is voldoende om de groep tot zwijgen te brengen.

De logica van dat argument ontgaat me, maar het is voldoende om de groep tot zwijgen te brengen

“Zullen we straks nog ergens heen gaan?” stelt een van de meisjes voor. Waarna het andere meisje onmiddellijk “Afterparty!” roept. “Bij de dromedaris?” vraagt Martin, waarna de rest van het groepje instemmende geluiden begint te maken. Ondertussen rijdt de trein het volgende station binnen. Op het perron staat een mensenmassa te dringen om de trein in te komen. De massa lijkt geheel te bestaan uit autochtone veertigers, die allemaal kleurrijk zijn aangekleed. Het gezelschap verspreidt de geur van bier en op sommige momenten ruikt het ook naar fastfood. De stemming is opgewekt, vermoedelijk door de alcohol. Het groepje in de trein schrikt van de plotselinge invasie. “O god, nee!” roept een van de meisjes uit. “Het is gedaan met de rust.” concludeert een van de gothics.

Omdat er lang niet genoeg zitplaatsen zijn staat ook het gangpad vol met mensen. Een man met een Hawaïkrans om en een bruin papieren Burgerkingtasje in zijn hand nestelt zich op een vrije plaats tussen het groepje. Met enige moeite slaagt hij er in te gaan zitten. “Gezellig hier” merkt Martin spottend op. “Ja, maar jullie komen niet van de toppers!” antwoordt de man met de Hawaïkrans en het Burgerkingtasje, op een toon die het midden houdt tussen aangeschoten en bloedserieus.

De laatste trein naar Utrecht
Terug naar het overzicht