Thema's
Drama

Een ochtend in De Baarsjes

Picture of Matthijs
Reportage door Matthijs van Maltha 4 November 2015

Op een vrijdagochtend stapt Rob Windzak bij Bureau Overtoomse Sluis in zijn onopvallende Volkswagen voor een ronde door De Baarsjes. Rob is een agent vol zelfvertrouwen. Op zijn 18e ging hij in Suriname bij de politie. Daarna maakte hij de oversteek naar Nederland. De afgelopen negen jaar zijn deze straten in Amsterdam-West zijn thuisbasis geweest. Binnenkort is dat voorbij. Rob heeft de pensioengerechtigde leeftijd bereikt. Over een maand zal dit niet langer zijn vaste buurt zijn.

Windzak parkeert zijn burgerauto in de buurt van de Jan Evertsenstraat. Netjes in een parkeervak, terwijl hij zich beklaagt over de foutparkeerders in de straat. Mensen die het nooit leren vormen een hardnekkig probleem. Maar vandaag deelt hij daar geen boetes voor uit. In het kader van vakbondsacties worden kleine overtreders momenteel niet beboet.

Het was een idee. Maar AT5 heeft het natuurlijk opgeblazen.

Al lopend door de buurt vertelt Rob over zijn leven en zijn werk. Hier en daar stopt hij zijn verhaal, om de wet te handhaven of een gesprek aan te knopen. Zo gaat het de hele ronde. Hij toont ons de Jeruzalemkerk. Een bakstenen kerkgebouw in de stijl van de Amsterdamse school dat een prominente plaats in het midden van een pleintje inneemt. Even onderbreekt hij zijn verhaal om een fietser toe te roepen dat er op het plein niet gefietst mag worden. Eigenlijk wist hij dat al, meent Rob. Daarom stapte hij ook meteen af. De kerk wordt nog gebruikt. Momenteel wordt hij gehuurd door een Nigeriaans protestantse gemeenschap. Maar straks is hij misschien van Paradiso. Daar is in de buurt nog veel om te doen geweest. “Het was een idee. Maar AT5 heeft het natuurlijk opgeblazen.”

Het café aan het plein is het gezelligste café van de buurt. ’s Avonds zit het terras helemaal vol. Op het plein zelf is soms overlast. Jongeren komen er ’s avonds bij elkaar, meestal Turkse en Marokkaanse jongens. Rob heeft wel begrip voor ze. “Ze worden vaak gediscrimineerd en vinden lastig werk.” Maar dat mag geen excuus zijn voor overlast, meent hij. Om over criminaliteit nog maar te zwijgen. Toch zijn het vaak Turkse en Marokkaanse jongens die daarbij betrokken zijn. “Dat aanpakken zonder te gaan generaliseren, dat blijft lastig.”

Rob heeft zijn hele leven al voor de politie gewerkt. Tussendoor zat hij ook nog even in de beveiliging, maar de politie bleef altijd trekken. Al op zijn achttiende had hij zich in Suriname bij de politie aangemeld. Twee dagen na de militaire coup vertrok hij uit het land. Tijdens de coup had hij dienst. “We kregen een melding van schermutselingen. Of wij er naartoe wilden rijden om de situatie te bekijken. Er werd geschoten. Eén maat in de auto was op slag dood, een ander gewond.” Hij twijfelde er niet meer over: hij moest naar Nederland. Daar had hij familieleden. Bovendien was de taal hetzelfde.

In verhouding zijn er hier minder drugs en minder criminaliteit

Rob dacht dat er in zijn leven geen plaats meer was voor politiewerk, maar na een paar jaar begon het weer te jeuken. Hij kwam in dienst bij de Nederlandse politie. Allerlei functies heeft hij vervuld. Van verkeersagent werd hij via de recherche uiteindelijk wijkagent. “Als verkeersagent hou je je alleen maar bezig met het verkeer en bonnen schrijven. Als rechercheur worden op een gegeven moment mensen hetzelfde, de zoveelste verhoring. Wijkagent combineert van alles.” Lang heeft hij in Amsterdam-Oost gewerkt. In vergelijking met oost valt deze buurt hem mee. In verhouding zijn er hier minder drugs en minder criminaliteit.

We lopen over de Jan Evertsenstraat. Het is een rustige morgen. Af en toe groet Rob iemand op straat, of stapt hij een winkel binnen om de eigenaar een hand te geven. Er is veel veranderd in deze wijk. De afgelopen negen jaar heeft Rob het met eigen ogen kunnen bijhouden. Hij wijst in de verte “Daar is een juwelier doodgeschoten. Toen was het genoeg.” Inmiddels is dat vijf jaar geleden. Sindsdien is er veel werk verzet om de buurt te veranderen in een leefbare omgeving. Rob vertelt over hoe de buurt prettiger is geworden, en mensen met verschillende nationaliteiten de buurt kleuren. De nieuwe winkels die er nu zitten waren vijf jaar geleden nog onvoorstelbaar geweest. Alle moeite die er in de buurt is gestoken heeft werkelijk iets opgeleverd.

Vrijdag gaan we er een inval doen

In een zijstraat wijst Rob nonchalant een drugspand aan. Hij duikt een portiek in om er aan te bellen. “Maar we gaan niet naar binnen. Je weet nooit wat je er aantreft.” Het aanbellen blijkt tevergeefs. Niemand doet open. Boven blijven de gordijnen gesloten. We lopen door. Maar enkele tientallen meters verder staat een van de bazen op de hoek een sigaretje te roken. Rob stapt er even rustig op af om een praatje te maken. De mannen wisselen wat zinnen uit en nemen dan met een handdruk afscheid. “Vrijdag gaan we er een inval doen”, vertelt Rob als hij buiten gehoorafstand is. “Hij zegt dat die Jamaicanen daar alleen maar komen om te blowen. Dat ze er dealen weet ik nu wel.”

We vragen naar de vluchtelingenprobleem, of hij daar nog iets mee te maken heeft gehad. Nog niet zo’n lange tijd geleden zat er hier in west een groep vluchtelingen in de ‘Vluchttoren’. Of hij er mee te maken heeft gehad, vragen we. Onlangs heeft hij een paar vluchtelingen achterin zijn auto van Zuidoost naar West moeten vervoeren. “Ze vertellen wel dat vluchtelingen onschuldig zijn en dat ze hel veel hebben opgegeven om hier te komen. Toch ben je ergens ook bang dat juist deze mensen van IS zijn. Dat juist de mensen op je achterbank je iets aan willen doen. Wie garandeert je dat het niet zo is?” Toch voelt Rob ook begrip voor de vluchtelingen. “Ik ben ook een gelukszoeker.” In 1980 deed hij precies hetzelfde, zegt hij.

Ik ben ook een gelukszoeker

Nadat we weer terug zijn bij de onopvallende burgerauto kan Rob de kans niet laten lopen om een vrouw er op te wijzen dat ze haar auto niet op de rijbaan mag laten staan. Ook niet om haar dochtertje van school te halen. Het argument dat haar parkeervergunning in deze zone net niet geldig is, valt daar ook niet tegenin te brengen. Vanwege de vakbondsacties blijft het ook deze keer bij een waarschuwing. Daarna vertrekt Rob weer richting Bureau Overtoomse Sluis. Of hij dit werk zal missen. “Nee, absoluut niet.”

Dit artikel werd geschreven door Bonita van Es en Matthijs van Maltha. Met dank aan Rob Windzak.

Een ochtend in De Baarsjes
Terug naar het overzicht